Delden trouwboeken


Door de toename van de bevolking in de late Middeleeuwen ontstond behoefte aan regelgeving op diverse gebieden. Ook de Katholieke kerk voelde deze behoefte en daarom voerde ze de regel in dat wie wilde trouwen daarvan aangifte moest doen bij de pastoor. Deze kondigde het voorgenomen huwelijk drie maal vanaf de kansel af, zodat iedereen die meende dat er huwelijksbeletselen waren (zoals bv. bigamie. bloedverwantschap), daartegen kon protesteren. Als er geen beletselen waren, werd het huwelijk voltrokken. Dit was meestal drie weken na de inschrijving = ondertrouw. De kerk hield de trouwboeken bij.

Na de Reformatie nam de Gereformeerde staatskerk deze gewoonte over. Het huwelijk was echter alleen rechtsgeldig als dit voor een dominee van de Gereformeerde (Nederduitse) kerk plaatsvond. Later ontstond het gebruik dat naast het kerkelijke huwelijk ook het burgerlijke huwelijk werd ingevoerd, waardoor naast de afkondiging door de predikant in de kerk ook de afkondiging kon geschieden door het gerecht. Maar de afkondiging en het sluiten van het huwelijk in de kerk was en bleef eigenlijk de gewone gang van zaken. Alleen degenen die niet tot de Gereformeerde Kerk behoorden, zoals dopersen en joden, konden voor de burgerlijke overheid huwen. De afkondiging werd altijd zondags door de burgerlijke gemeentebode voor de kerkdeur bij het uitgaan van de kerk gedaan.

Deze regeling bleef voortbestaan tot in de dagen van de Franse Revolutie. De revolutiegedachte bracht in ons land de Bataafse Republiek én de scheiding tussen kerk en staat. De Gereformeerde staatskerk verloor haar bijzondere positie en alle kerk-formaties werden nu gelijk geacht. Wat de Gereformeerde kerk toegestaan werd, moest ook aan alle andere kerkformaties toegestaan worden. Omdat men nu vreesde voor een chaos wat betreft de huwelijkssluitingen in de kerk, werd de bepaling van kracht, dat voorafgaand aan ieder huwelijk een verplichte burgerlijke sluiting moest plaats hebben. Pas daarna kon de kerkelijke huwelijksbevestiging plaats vinden.

In het Gericht Delden dateert het oudste Gereformeerd (=NH) trouwregister van 1674, waarin alle huwelijke van het voormalige Stadgericht Delden en van de buurschappen Azelo, Bentelo, Deldenerbroek, Deldeneresch, Hengevelde of Wegdam, Wiene of Weddehoen, Zeldam of Kotwijk, Beckum, Oele en Woolde genoteerd werden.  Tot 1795 bleef deze verplichting gehandhaafd. Alleen de Mennonisten (Doopsgezinden) hebben vanaf  1733 het voorrecht gekregen om voor het Gericht te trouwen. Vanaf midden 1795  werd ieder (?) huwelijk ingeschreven in het gerechtelijke (ondertrouw)boek. De katholieken hoefden nu niet meer eerst in de Gereformeerde kerk  te trouwen, vóórdat zij zich bij de katholieke pastor in de echt konden laten verbinden. Deze huwelijken vonden vanaf 1708 plaats in de statie Goor te Hengevelde, gelegen aan de rand van het gericht Delden. In 1786 kregen de Deldense katholieken de beschikking over een kerkgebouw in het stadsgericht Delden waarin ze konden trouwen. Het trouwboek van deze kerk begint in 1791.

Als u belang stelt in het orgineel van een inschrijving, stuur dan een e-mail. 
Ik stuur de bladzijde dan per e-mail. Deze bestanden zijn ongeveer 1 MB groot.

Marieken Scholten-Sijses


Orginele context